Blog
Aanleggen bij borstvoeding (zonder tranen)
Veelvoorkomende struggles bij het aanleggen en hoe je ze oplost
Weet je wat niemand je vertelt als je net bevallen bent? Dat aanleggen echt een vak apart kan zijn. Als je voor het eerst je baby aanlegt, verwacht je misschien dat het gewoon... werkt. Dat het instinct het overneemt, dat je baby weet wat te doen en dat jullie samen meteen een goed geoliede machine zijn. En soms is dat ook zo! Maar heel vaak is dat ook niet zo. Dus mocht je struggelen met aanleggen; je bent absoluut niet de enige!
Waarom aanleggen soms zo lastig is
Aanleggen is een vaardigheid voor jou én voor je baby. Jullie leren het samen, en dat gaat met vallen en opstaan. Je kleintje moet nog uitvogelen hoe die kleine mond het grootste deel van je tepel én je tepelhof moet aanpakken. En jij bent nog aan het ontdekken hoe je je baby het beste vasthoudt, hoe je borst reageert en wanneer de melk toeschiet. Hieronder deel ik de struggles die ik zelf ook heb gehad, en die ik van zoveel andere mama’s hoor, met dingen die je kan proberen.
De pijn. O, de pijn.
Laten we hier niet omheen draaien. Aanleggen kan in het begin echt vlieg-tegen-het-plafond-pijn doen. En als niemand je dat heeft verteld schrik je je een ongeluk. Want je dacht misschien dat het zacht en magisch zou voelen, en in plaats daarvan voel je je tepels protesteren bij elke voeding.
Het goede nieuws? Aanhoudende pijn is bijna altijd een teken dat je baby iets te ondiep aanhapt. En dat is iets wat je kunt veranderen. Probeer je baby los te halen door je pink voorzichtig in zijn mondhoek te steken, wacht tot hij zijn mond écht wijd opendoet (echt wijd, zoals een geeuwen) en probeer het opnieuw. Soms is dat al genoeg om het verschil te voelen.
Lukt het toch niet? Bel een lactatiekundige. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen: zij zijn er precies voor dit soort dingen, en 1 bezoekje kan echt alles veranderen.
In de kraamweek zorgt de toeschietreflex ervoor dat de baarmoeder weer krimpt. Yesss, die beruchte naweeën… HEFTIG! Voor de een zijn ze pijnlijker dan voor de ander, maar ze kunnen net zo scherp aanvoelen als de ontsluitingsweeën. Maar als je weet wat die pijn is, het terugkrimpen van je baarmoeder, raak je in ieder geval niet in paniek. Ook kan een warme kruik helpen, net als een lege blaas (dus eerst even naar het toilet gaan voordat je begint met voeden) en eventueel paracetamol.
Het toeschietreflex is een samenspel van verschillende hormonen (voornamelijk oxytocine en prolactine), waarbij je die golf zowel emotioneel als fysiek flink kunt voelen. Zo kunnen ze ervoor zorgen dat je opeens een vlaag van misselijkheid voelt, maar je kunt je ook opeens heel neerslachtig en down voelen. Dit gaat meestal net zo snel weer over als dat het kwam.
Ik vind dit een heel belangrijk punt. Want als dit je als kersverse mama overkomt, dan is het logisch dat je je verdrietige en neerslachtige gevoel direct koppelt aan borstvoeden. Je denkt dan misschien: “dit is niet goed voor me, ik moet hiermee stoppen voordat het nog erger wordt”. Als je weet dat dit kan worden veroorzaakt door de snelle hormoonrush, dan kun je het makkelijker met een korreltje zout nemen.
Je baby die steeds afhapt
Eindelijk zit hij goed, de melk schiet toe en dan… laat hij los. En dan begint het circus opnieuw. Ik weet hoe frustrerend dat is. Vaak helpt het om even de omgeving wat rustiger te maken. Minder licht, minder geluid, minder mensen die over je schouder meekijken. Baby’s zijn in het begin nog enorm gevoelig voor prikkels, en drinken vraagt echt hun volle concentratie. Een rustig hoekje kan soms al het verschil maken.
Zere tepels, au
Oké, laten we hier even eerlijk over zijn, want dit is iets waar zoveel mama’s mee zitten. Vooral wanneer je net begint met borstvoeding, ik durf bijna te zeggen dat je de uitzondering bent als je er geen last van hebt (zo niet, lucky you!). Maar in de meeste gevallen trekt die pijn ook weer weg na een paar weken, naarmate jij en je baby jullie eigen ritme vinden.
Maargoed, als je er last van hebt helpt het niet per se om te lezen dat het later wel over gaat. Dat maakt je pijn niet minder pijnlijk, je wilt gewoon nú iets kunnen proberen! Een beetje van je eigen moedermelk op je tepel smeren na elke voeding helpt echt, en het klinkt misschien gek maar moedermelk heeft van nature helende eigenschappen, hoe bijzonder is dat? Tepelzalf is ook een absolute klassieker waar ontzettend veel mama’s bij zweren, het beschermt de huid en helpt het herstel een beetje op gang terwijl je gewoon kunt blijven voeden.
Mocht je er al heel lang last van hebben, van tepelkloven, echt pijnlijke, gebarsten of bloedende tepels, dan is dat meestal een teken dat er iets niet helemaal klopt, vaak aan de aanhaptechniek. Schakel in dat geval een lactatiekundige in. Die ziet vaak al heel snel wat er aan de hand is, en soms is 1 kleine aanpassing al genoeg.
De juiste houding is heel erg van belang. Zowel voor de moeder (als je niet goed ontspant, werk je jezelf tegen) als voor de baby. Als die te laag ‘hangt’, kan hij/zij niet goed aanhappen en blijven drinken en geloof me: dat voel je echt aan je tepels. Vraag je lactatiekundige mee te kijken naar jouw houding; hele kleine tweaks kunnen hele grote verschillen maken.
Het allerbelangrijkste: vraag hulp!
Niet als je er echt niet meer uitkomt, maar gewoon al vroeg. Je hoeft dit niet allemaal zelf uit te puzzelen om drie uur ’s nachts op je telefoon. Een lactatiekundige, je verloskundige, je moeder, een vriendin die het heeft meegemaakt… het maakt niet uit wie.
Aanleggen wordt echt makkelijker. Elke voeding leren jullie een beetje bij. En voor je het weet zit je baby er in twee tellen aan en denk je terug aan die eerste weken met een soort verbazing dat het ooit zo ingewikkeld voelde.
You got this mama!

